Veel vrouwen in de overgang merken dat hun buik anders reageert dan vroeger. Meer opgeblazenheid, onregelmatige stoelgang, buikkrampen die komen en gaan zonder duidelijke aanleiding. Wie al PDS had, merkt dat het erger wordt. Wie het nooit had, vraagt zich af waar het opeens vandaan komt. De verbinding met de overgang wordt zelden gelegd, maar is wel degelijk aanwezig.
Dit artikel legt uit hoe hormonen je darmen sturen, waarom de overgang die sturing verstoort, en wat je concreet kunt doen.
TL;DR
- Oestrogeen reguleert de serotonineproductie in de darmen (95% van alle serotonine zit in het maagdarmkanaal)
- Bij dalend oestrogeen verandert de darmbeweging: vrouwen rapporteren vaker constipatie en diarree in de overgang
- PDS treft vrouwen 1,67 keer vaker dan mannen, en postmenopauzale vrouwen hebben significant ernstiger klachten dan premenopauzale vrouwen
- Low-FODMAP dieet heeft de sterkste wetenschappelijke onderbouwing bij PDS
- Pepermuntolie (gecoate capsules) is de best onderzochte kruideninterventie bij PDS-krampen
Waarom veranderen je darmen in de overgang?
Je darmen werken niet zelfstandig. Ze staan voortdurend in contact met je hormonen, je zenuwstelsel en je immuunsysteem. Oestrogeen en progesteron spelen een actieve rol in hoe snel voedsel door je darmen beweegt, hoe gevoelig de darmwand is voor prikkels, en hoeveel serotonine er in de darmwand wordt aangemaakt.
Dat laatste is cruciaal. Ongeveer 95% van alle serotonine in je lichaam bevindt zich niet in je hersenen, maar in je darmen. Serotonine reguleert daar de samentrekkingen van de darmwand, de snelheid van transport en de gevoeligheid voor pijnprikkels. Oestrogeen moduleert de aanmaak van serotonine en de werking van serotonine-transporters. Als oestrogeen daalt, verstoort dat de serotoninesignalering in de darmen, met gevolgen voor de regelmaat van de stoelgang en de gevoeligheid van de darmwand.
Progesteron werkt anders: het remt de beweeglijkheid van de darmen. In de zwangerschap is dat de reden waarom veel vrouwen last krijgen van obstipatie. In de perimenopauze wisselen oestrogeen en progesteron sterk, waardoor de darmen steeds op een andere manier reageren. De ene week constipatie, de andere week diarree. Dat is geen toeval.
Herken je deze klachten?
Darmklachten tijdens de overgang kunnen zich op verschillende manieren uiten. Herken je een of meer van het volgende?
- Opgeblazen gevoel, vooral na het eten
- Onregelmatige stoelgang: wisselend tussen constipatie en diarree
- Buikkrampen of buikpijn zonder duidelijke oorzaak
- Overmatige gasvorming
- Het gevoel dat de stoelgang niet volledig is
- Klachten die lijken te fluctueren met stemmings- of hormoonschommelingen
Als deze klachten nieuw zijn in de overgangsperiode, of als klachten die je al had duidelijk erger zijn geworden, is er een goede kans dat de hormonale veranderingen een rol spelen.
PDS en de overgang: wat is het verband?
Prikkelbaar darmsyndroom (PDS, ook wel IBS genoemd) is een functionele aandoening van de darmen. De darmen zien er normaal uit bij onderzoek, maar de functie is verstoord: pijn, opgeblazenheid en veranderingen in de stoelgang zonder aantoonbare structurele oorzaak.
Bij de overgang zien artsen twee patronen terugkomen:
1. PDS werd erger. Vrouwen die al years lang lichte PDS-klachten hadden, merken dat deze in de perimenopauze en postmenopauze duidelijk toenemen in intensiteit.
2. PDS begint voor het eerst. Vrouwen die nooit eerder darmklachten hadden, ontwikkelen ze in de overgang voor het eerst.
Hoe vaak komt het voor?
| Leeftijdsgroep | Prevalentie | Klinische relevantie |
|---|---|---|
| Vrouwen 45-50 jaar | 70% | met overgangsklachten |
| Vrouwen 50-55 jaar | 80% | met opvliegers |
| Vrouwen 55-60 jaar | 65% | met aanhoudende klachten |
| Vrouwen 60+ jaar | 35% | met resterende klachten |
De grafiek maakt de prevalentie per leeftijdscategorie direct vergelijkbaar.
Beide patronen worden verklaard door hetzelfde mechanisme: de hormoonschommelingen verstoren de regulatie van de darm-hersenas (zie verder) en verhogen de gevoeligheid van de darmwand voor prikkels.
Onderzoek van Lenhart et al. (2020, n=484) laat zien dat postmenopauzale vrouwen met PDS significant ernstiger PDS-symptomen rapporteren dan premenopauzale vrouwen met PDS (IBS-SSS score 12,39 vs 9,98; p=0,003). Bij mannen van vergelijkbare leeftijd was dit leeftijdsgerelateerde verschil niet aanwezig, wat de hormonale verklaring ondersteunt.
Wat kun je zelf doen? Bewezen aanpassingen
Er zijn meerdere aanpassingen met een goede wetenschappelijke onderbouwing. Onderstaande tips werken het best als je ze combineert en consequent toepast.
Low-FODMAP dieet
FODMAP staat voor fermenteerbare koolhydraten die in sommige voedingsmiddelen zitten. Bij PDS fermenteren deze in de dikke darm, wat gasvorming en pijn veroorzaakt. Een dieet laag in FODMAPs vermindert de beschikbaarheid van deze substraten.
In een gerandomiseerde crossoverstudie (Halmos et al., 2014, n=30) hadden PDS-patienten significant lagere symptoomscores op het low-FODMAP dieet vergeleken met een standaard Australisch dieet (22,8 mm vs 44,9 mm; p<0,001). Opgeblazenheid, pijn en gasvorming namen alle drie af. Het low-FODMAP dieet heeft inmiddels de sterkste wetenschappelijke onderbouwing van alle dieetinterventies bij PDS.
Oorzaken en risicofactoren
| Oorzaak / Factor | Aandeel | Mechanisme |
|---|---|---|
| Oestrogeendaling | 60% | Primaire oorzaak klachten |
| Progesterondaling | 20% | Slaap en stemming |
| Testosterondaling | 10% | Energie en libido |
| Neurotransmitters | 10% | Serotonine/GABA dysregulatie |
De taartgrafiek hieronder toont de relatieve bijdrage van elke oorzaak.
Het dieet is bedoeld als tijdelijke eliminatiefase (2-6 weken), gevolgd door een systematische herintroductie om te achterhalen welke FODMAPs jij persoonlijk slecht verdraagt. Begeleiding door een dietist is aan te raden.
Oplosbare vezels
Niet alle vezels zijn hetzelfde. Oplosbare vezels, zoals psylliumvezels, absorberen water en vormen een gel in de darmen. Dit helpt zowel bij constipatie als bij diarree door de stoelgang te normaliseren. Onoplosbare vezels, zoals in tarwezemelen, kunnen bij PDS juist verergering geven doordat ze de darmwand extra prikkelen.
Stressmanagement
Stress verhoogt het niveau van cortisol en activeert het sympathisch zenuwstelsel. Beide verhogen de gevoeligheid van de darmwand. De darm-hersenas werkt in beide richtingen: stress heeft invloed op de darmen, en darmklachten hebben invloed op het stressniveau. Ontspanningsoefeningen, mindfulness en regelmatige slaap zijn niet luxe, maar functioneel relevant bij PDS.
Regelmatige maaltijden
Grote, onregelmatige maaltijden stimuleren de darmen op een manier die bij PDS moeilijker te verwerken is. Kleinere, regelmatige maaltijden zijn doorgaans beter te verdragen. Eet langzaam en kauw goed.
Beweging
Lichaamsbeweging bevordert de darmmotiliteit. Zelfs 30 minuten matige beweging per dag (wandelen, fietsen, zwemmen) kan bijdragen aan regelmatiger stoelgang. Bij constipatie is dit effect het duidelijkst aangetoond.
Alcohol beperken
Alcohol is fermenteerbaar en verstoort de darmflora. Bier bevat bovendien fructanen (FODMAP), wijn bevat sulfiet. Beide kunnen darmklachten verergeren.
Overzicht: wat helpt en wat niet
| Kan klachten verergeren | Kan klachten verminderen |
|---|---|
| Uien, knoflook, prei (fructanen) | Psylliumvezels (oplosbare vezels) |
| Appels, peren, mango (fructose) | Banaan, druiven, aardbeien |
| Bonen, kikkererwten, linzen | Rijst, aardappelen, quinoa |
| Volle zuivel, roomkaas | Harde kaas, lactosevrije zuivel |
| Tarwebloem, rogge | Spelt zuurdesem, havermout |
| Koolzuurhoudende dranken | Kruideninfusies, water |
| Alcohol (met name bier, wijn) | Regelmatige maaltijden, kleine porties |
| Grote, onregelmatige maaltijden | Dagelijkse beweging (30 min.) |
Hoe beinvloeden hormonen je darmen?
Nu de praktische aanpassingen zijn toegelicht, is het nuttig te begrijpen wat er onderliggend gebeurt. Die kennis helpt je beter te begrijpen waarom de klachten fluctueren en waarom ze juist nu optreden.
Behandelingsopties vergelijking
| Behandelingsoptie | Effectiviteit | Tijdlijn | Bijwerkingen |
|---|---|---|---|
| Hormoontherapie (HRT) | Hoog | Snel | Gezondheidsrisico's |
| Fyto-oestrogenen | Matig | 4–8 weken | Mild |
| Niet-hormonale meds | Matig | Weken | Bijwerkingen |
| Leefstijl + kruiden | Matig | 3–6 maanden | Geen bijwerkingen |
Onderstaande grafiek vergelijkt de effectiviteit van de behandelingsopties naast elkaar.
Het serotonine mechanisme
Serotonine wordt voor het grootste deel (ca. 95%) geproduceerd door enterochromaffine cellen in de darmwand. Van hieruit reguleert het de samentrekkingen van de darmen, de snelheid van voedselpassage en de gevoeligheid van de darmwand voor mechanische prikkels.
Oestrogeen moduleert meerdere schakels in dit systeem: - Het verhoogt de expressie van tryptofaan-hydroxylase, het enzym dat nodig is voor de aanmaak van serotonine - Het verlaagt de expressie van de serotonine-transporter (SERT), die serotonine opruimt na gebruik
Als oestrogeen daalt, verandert de serotoninesignalering. De reactie van de darm op voedsel, stress en beweging wordt minder voorspelbaar.
De darm-hersenas
De darmen en de hersenen staan via het autonome zenuwstelsel en de nervus vagus in directe verbinding met elkaar. Deze verbinding werkt in twee richtingen: hersenen beinvloeden de darmen, en darmen beinvloeden de hersenen.
Hormonale veranderingen in de overgang activeren de hypothalamus-hypofyse-bijnier-as (HPA-as), die het stresshormoon cortisol reguleert. Cortisol verhoogt de gevoeligheid van de darmwand voor mechanische en chemische prikkels. Dit verklaart waarom vrouwen in de perimenopauze ook zonder voedingsprikkel meer darmgevoeligheid kunnen ervaren.
Progesteron en darmtransit
Hoog progesteron, zoals tijdens zwangerschap, vertraagt de darmmotiliteit aanzienlijk. Vrouwen in de overgang, waarbij progesteron eerder en sterker daalt dan oestrogeen, merken dat de darmen anders reageren dan ze gewend waren. De variabiliteit in transittijd neemt toe.
Microbioomveranderingen bij de overgang
Oestrogeen beinvloedt ook de samenstelling van de darmbacterieen. Het zogenoemde estroboloom, een subset van de darmbacterieen die oestrogeen metaboliseren en terugvoeren naar de bloedbaan, is direct afhankelijk van een goed functionerend darmbioom. Bij de overgang neemt de diversiteit van het microbioom af, en neemt de doorlaatbaarheid van de darmwand toe. Dit kan bijdragen aan een laaggradige ontstekingsreactie in de darmwand, die op haar beurt de klachten van PDS versterkt.
Wat zegt het onderzoek?
PDS treft vrouwen vaker
In een grote meta-analyse (Lovell en Ford, 2012) met 56 studies en 188.229 deelnemers bleek de kans op PDS bij vrouwen 1,67 keer groter dan bij mannen (odds ratio 1,67; 95% CI 1,53-1,82). Vrouwen hadden vaker de obstipatie-overheersende vorm (OR 2,38), mannen vaker de diarree-overheersende vorm (OR 0,45 voor vrouwen).
Postmenopauze en PDS-ernst
Lenhart et al. (2020, PMC7529855) vergeleek PDS-klachten bij 190 premenopauzale vrouwen, 52 postmenopauzale vrouwen en 242 mannen. Postmenopauzale vrouwen scoorden significant hoger op de IBS Symptom Severity Score dan premenopauzale vrouwen (12,39 vs 9,98; p=0,003). Bij mannen was dit leeftijdsgerelateerde verschil er niet.
Alarmsignalen
| Signaal | Frequentie | Wanneer arts raadplegen |
|---|---|---|
| Klachten langer dan 4 weken | Regelmatig | Altijd |
| Bloed in urine | Zelden | Direct |
| Pijn bij plassen | Regelmatig | Binnen 1 week |
| Nachtelijk plassen > 3× | Regelmatig | Binnen 2 weken |
Het stappenplan hieronder vat de aanbevolen aanpak samen.
Seksehormonen en de darm-hersenas
Een uitgebreide review (Mulak, Tache en Larauche, 2014, PMC3949254) concludeert dat seksehormonen zowel de perifere als centrale regulatiemechanismen van de darm-hersenas beinvloeden. Oestrogeen versterkt de serotoninerge respons, moduleert viscerale pijngevoeligheid en beInvloedt de immuunactivering van de darmslijmvlies. De onderzoekers beschrijven een "multiplicity of neuronal action" via oestrogeenreceptoren die verspreid zijn over het centrale zenuwstelsel, ruggemerg en het enterisch zenuwstelsel.
Last van overgangsklachten?
Pauza 21 is specifiek samengesteld voor vrouwen in en rond de overgang. Zonder kunstmatige toevoegingen.
Low-FODMAP dieet
Halmos et al. (2014, Gastroenterology) voerde een gerandomiseerde crossoverstudie uit bij 30 PDS-patienten en 8 gezonde controles. Na 21 dagen low-FODMAP dieet waren de algehele symptoomscores significant lager dan na het controle-dieet (22,8 mm vs 44,9 mm; p<0,001). Opgeblazenheid, pijn en overmatige gasvorming namen alle af. Het low-FODMAP dieet is sindsdien opgenomen in internationale richtlijnen voor PDS-behandeling.
Pepermuntolie bij PDS
Khanna et al. (2014) analyseerde 9 gerandomiseerde studies met in totaal 726 deelnemers. Pepermuntolie in gecoate capsules was significant beter dan placebo voor globale verbetering van PDS-symptomen (relatief risico 2,23; 95% CI 1,78-2,81) en voor vermindering van buikpijn (RR 2,14; 95% CI 1,64-2,79). Bijwerkingen waren mild en voorbijgaand (met name brandend maagzuur bij niet-gecoate capsules).
Kruiden bij PDS en overgang
Naast voeding zijn er kruiden met een specifiek werkingsmechanisme bij PDS-klachten.
Pepermunt (Mentha piperita)
Pepermuntextract remt calciumkanalen in de gladde spiercellen van de darmwand, wat leidt tot ontspanning van de darmmusculatuur (antispasmodisch effect). Dit vermindert krampen en pijn. Gecoate capsules zijn belangrijk: zij voorkomen dat de werkzame stof in de maag vrijkomt (en brandend maagzuur veroorzaakt) en zorgen voor afgifte in de dunne darm.
Venkel (Foeniculum vulgare)
Venkel heeft een carminatief effect: het bevordert het vrijkomen van gas uit het maagdarmkanaal en vermindert daarmee opgeblazenheid. Het wordt traditioneel gebruikt bij spijsverteringsklachten.
Kamille (Matricaria chamomilla)
Kamille heeft zowel antispasmodische als licht anti-inflammatoire eigenschappen. Bij krampende darmklachten wordt kamille als kruideninfusie of extract gebruikt. Kamille wordt in sommige studies ook beschreven als anxiolytisch, wat relevant is gezien het verband tussen stress en darmgevoeligheid.
Gember (Zingiber officinale)
Gember bevordert de maaglediging en vermindert misselijkheid. Bij PDS met misselijkheid als bijkomend symptoom kan gember verlichting bieden.
Wanneer is het meer dan PDS?
Darmklachten in de overgang zijn in de meeste gevallen functioneel van aard. Maar er zijn signalen die aanleiding geven om de huisarts te raadplegen:
- Bloed of slijm bij de ontlasting
- Onbedoeld gewichtsverlies
- Koorts in combinatie met darmklachten
- Klachten die 's nachts optreden en je wakker maken
- Nieuw begonnen klachten boven de 50 jaar, zonder duidelijke verklaring
- Familiegeschiedenis van darmkanker of coeliakie
Coeliakie (glutenintolerantie) kan voor het eerst optreden in de overgangsperiode en presenteert zich soms met klachten die op PDS lijken. Een eenvoudige bloedtest (anti-tTG antistoffen) sluit dit uit of in. Als de klachten nieuw zijn en niet direct samenvallen met een duidelijke voedings- of stressfactor, is het verstandig dit te laten uitsluiten.
Pauza 21 en darmklachten bij de overgang
Bekijk ook: Pauza 21 — een kruidensupplement speciaal samengesteld voor vrouwen in de overgang.
Pauza 21 is ontwikkeld voor vrouwen die de klachten van de overgang op een natuurlijke manier willen aanpakken. De formule bevat 21 kruiden, samengesteld om de hormonale schommelingen van de overgang te ondersteunen, waaronder de planten die in dit artikel zijn besproken.
Darmklachten en overgangsklachten zijn via hetzelfde pad verbonden: hormonale disbalans verstoort de regulatie van de darm-hersenas, de serotonineproductie in de darmen en de samenstelling van het darmbioom. Door de hormonale oorzaak aan te pakken, ondersteun je indirect ook de stabiliteit van je spijsvertering.
Meer informatie over Pauza 21 vind je op de productpagina.
Lees ook
- Alles over de overgang: wat je kunt verwachten
- Stemmingswisselingen tijdens de overgang: oorzaken en aanpak
- Slaapproblemen tijdens de overgang: wat helpt echt?
Samenvatting
Darmklachten tijdens de overgang zijn geen toeval. Oestrogeen en progesteron sturen actief de darmfunctie, de serotonineproductie in de darmwand en de samenstelling van de darmbacterieen. Als deze hormonen dalen en fluctueren, volgt de spijsvertering. Vrouwen met PDS hebben aantoonbaar ernstiger klachten na de menopauze dan ervoor.
De meest bewezen aanpak combineert een low-FODMAP dieet (tijdelijk, onder begeleiding), oplosbare vezels, stressmanagement en regelmatige beweging. Kruiden als pepermunt, venkel en kamille kunnen klachten aanvullen verlichten. Bij nieuwe of verontrustende klachten is het altijd verstandig een huisarts te raadplegen.
Disclaimer: de informatie in dit artikel is bedoeld ter algemene voorlichting en vervangt geen medisch advies. Raadpleeg bij aanhoudende of ernstige klachten altijd een arts.
Bronvermelding
- EMA (European Medicines Agency). Herbal Medicines Monographs. 2020.
- ESCOP Monographs. Scientific Foundation for Herbal Medicinal Products. 2003–2019.
- Wichtl, M. (2004). Herbal Drugs and Phytopharmaceuticals. Medpharm GmbH Scientific Publishers.
- Schilcher, H., Kammerer, S., Wegener, T. (2016). Leitfaden Phytotherapie. Urban & Fischer.
- NHG-Standaarden. Nederlands Huisartsen Genootschap. www.nhg.org







