Het is halverwege de middag. Je zit aan je bureau, of je staat in de keuken. Niets is er gebeurd, geen ruzie, geen slecht nieuws. En toch voel je een golf van irritatie opkomen die geen duidelijke aanleiding heeft. Of het tegenovergestelde: een vreemde vlakheid, een soort innerlijke stilte die niet voelt als rust maar als leegte. Even later is het weg. Tot het de volgende dag weer terugkomt.
Stemmingswisselingen tijdens de overgang zijn verwarrend, juist omdat ze zo moeilijk te benoemen zijn. Opvliegers kun je aanwijzen: warmte, rood gezicht, transpireren. Maar stemming is diffuser. Je kunt het niet pakken, niet verklaren, niet wegwuiven met een logische redenering. En dat maakt het des te zwaarder.
Dit artikel legt uit wat er in je lichaam en brein gebeurt, wat je zelf kunt doen en welk wetenschappelijk bewijs er bestaat voor de meest effectieve aanpakken.
TL;DR
- Dalend oestrogeen verstoort de aanmaak van serotonine, het hormoon dat je stemming stabiliseert
- De perimenopauze is een klinisch erkende kwetsbaarheidsperiode: risico op depressieve symptomen is 40-500% hoger
- Bewegen is de krachtigste niet-hormonale interventie: serotonine omhoog, cortisol omlaag, BDNF aanmaak
- Omega-3 (EPA) toont 70% respons bij perimenopauze vrouwen in RCT (Freeman 2011)
- Slaaptekort versterkt stemmingswisselingen sterk: slaap aanpakken helpt ook je stemming
Wat zijn stemmingswisselingen precies?
Stemmingswisselingen zijn niet hetzelfde als een aanhoudende depressieve stemming. Het kenmerkende aan stemmingswisselingen tijdens de overgang is juist het grillige patroon: de ene dag gaat het goed, de andere dag voel je je zwaar zonder zichtbare reden. Dat wisselende karakter maakt het lastig te plaatsen, en voor veel vrouwen voelt het daardoor ook het meest verontrustend.
De meest herkenbare vormen zijn:
Prikkelbaarheid die opvlamt en wegzakt. Kleine dingen kunnen buitenproportioneel irriteren. Een opmerking, een geluid, een verzoek dat op een ander moment niets zou doen. De reactie schiet naar buiten voordat je hem kunt bijsturen. En dan, soms al na een paar minuten, is de scherpe rand er af.
Huilbuien die je overrompelen. Niet per se aangejaagd door iets verdrietigs, maar alsof de emotionele drempel ineens veel lager ligt. Een reclame, een liedje, een kleine tegenslag. De tranen komen eerder dan de gedachte.
Een verlaagd stresstolerantievermogen. Dit wordt door veel vrouwen beschreven als het meest onherkenbare symptoom: "Dit ken ik niet van mezelf." Zaken die vroeger gewoon oplosbaar waren voelen nu overweldigend. De buffer is kleiner geworden, niet je karakter.
Vlakke stemming of emotionele leegte. Niet per se verdriet, maar ook geen plezier. Activiteiten die normaal energie geven, doen dat tijdelijk niet. Dit kan lijken op lusteloosheid of motivatieverlies.
Al deze patronen hebben een biologische basis, en die is de sleutel tot begrijpen wat er speelt.
Hoe weet je of het de overgang is?
Niet elk stemmingsprobleem heeft dezelfde oorzaak. Burn-out, levensstress, slaaptekort of andere gezondheidsproblemen kunnen vergelijkbare klachten geven. Toch zijn er een paar signalen die suggereren dat de overgang een rol speelt.
Samenhang met andere overgangsklachten. Stemmingswisselingen die tegelijk optreden met onregelmatige menstruatie, opvliegers, nachtzweten of vaginale droogheid wijzen duidelijker op een hormonale achtergrond. Als de stemming schommelt in combinatie met dit soort lichamelijke signalen, is de overgang een logische verklaring.
Cyclisch versus aanhoudend. Burn-out uit zich doorgaans als een langdurige, aanhoudende uitputting met weinig variatie van dag tot dag. Stemmingswisselingen in de overgang zijn juist grillig: periodes van goed functioneren worden afgewisseld met zware dagen, soms zonder duidelijke aanleiding.
Leeftijd en levensfase. Vrouwen tussen de 40 en 55 die merken dat hun stemming veranderd is en die geen andere duidelijke verklaring hebben, zitten vaak in de perimenopauze.
Slaaptekort als versterker. Een factor die stemmingswisselingen flink verergert is slaapgebrek. Nachtzweten en veranderde slaaparchitectuur zijn veelvoorkomende overgangsklachten, en slaaptekort heeft een direct negatief effect op emotieregulatie. Als je wilt werken aan je stemming, is slaap aanpakken een logische eerste stap. Lees ook: slaapproblemen tijdens de overgang.
Hoe vaak komt het voor?
| Leeftijdsgroep | Prevalentie | Klinische relevantie |
|---|---|---|
| Vrouwen 45-50 jaar | 70% | met overgangsklachten |
| Vrouwen 50-55 jaar | 80% | met opvliegers |
| Vrouwen 55-60 jaar | 65% | met aanhoudende klachten |
| Vrouwen 60+ jaar | 35% | met resterende klachten |
De grafiek maakt de prevalentie per leeftijdscategorie direct vergelijkbaar.
Wat kun je zelf doen? 7 bewezen aanpassingen
De goede nieuws: er zijn aanpakken waarvan wetenschappelijk onderzoek laat zien dat ze echt verschil maken. Geen wonderen, maar reele effecten bij consistente inzet.
-
Beweeg regelmatig. Aeroob bewegen is de krachtigste niet-hormonale interventie voor stemming die we kennen. Bewegen verhoogt de aanmaak van serotonine, verlaagt cortisol en stimuleert BDNF, een groeifactor die hersencellen veerkrachtiger maakt. Drie tot vijf keer per week 30 minuten matig intensief bewegen heeft meetbare effecten op stemmingsklachten. Wandelen, fietsen, zwemmen: de activiteit maakt minder uit dan de regelmaat.
-
Bescherm je slaap actief. Slaaptekort is een van de sterkste versterkers van stemmingswisselingen. Een vast slaap-waakritme, een koele slaapkamer en het vermijden van schermen voor het slapengaan helpen de slaapkwaliteit verbeteren. Ook een korte dutje overdag kan op slechte nachten de schade beperken.
-
Beperk alcohol. Alcohol verstoort de REM-slaap en verlaagt de serotoninebeschikbaarheid op de dag erna. Juist in een periode waarin die beschikbaarheid al onder druk staat, werkt alcohol als versterker van stemmingsproblemen. Minder drinken of een drankvrij dagritme kan merkbaar effect hebben.
-
Houd je bloedsuiker stabiel. Snelle schommelingen in bloedsuiker, na snelle koolhydraten of lange periodes zonder eten, versterken prikkelbaarheid en emotionele instabiliteit. Regelmatige maaltijden met voldoende eiwitten, vezels en gezonde vetten helpen de bloedsuiker stabieler te houden.
Oorzaken en risicofactoren
Belangrijkste oorzaken en risicofactoren Oorzaak / Factor Aandeel Mechanisme Oestrogeendaling 60% Primaire oorzaak klachten Progesterondaling 20% Slaap en stemming Testosterondaling 10% Energie en libido Neurotransmitters 10% Serotonine/GABA dysregulatie De taartgrafiek hieronder toont de relatieve bijdrage van elke oorzaak.
-
Benoem je stemmingen, liefst op papier. Het bijhouden van een stemmingsdagboek helpt op twee manieren. Ten eerste word je je bewust van patronen: wanneer zijn de moeilijke momenten? Ten tweede werkt het benoemen van emoties kalmerend op het zenuwstelsel. Zelfs een paar zinnen per dag kan helpen om afstand te nemen van de stemming in plaats van er volledig in mee te gaan.
-
Verminder piekeren actief. Chronisch piekeren verhoogt cortisol en maakt het moeilijker om een stabiele stemming te houden. Mindfulness, journaling, ademhalingsoefeningen of een korte meditatie kunnen helpen om de gedachtenspiraal te doorbreken. NICE (het Britse gezondheidsinstituut) erkent cognitieve gedragstherapie en mindfulness als effectieve aanpak bij stemmingsproblemen en angst tijdens de overgang.
-
Zoek sociale verbinding op. Isolement versterkt stemmingsklachten. Contact met anderen, ook als het een kort gesprek is, activeert het oxytocinesysteem en dempt de stressrespons. Vriendschappen, een wandelgroep, een online community of een gesprek met een vriendin: verbinding werkt. Plan het actief, want de neiging om je terug te trekken kan juist in slechte periodes sterker zijn.
Hoe beinvloeden hormonen je stemming?
Nu de praktische aanpak duidelijk is, is het tijd voor het onderliggende mechanisme. Want als je begrijpt wat er biochemisch gebeurt, wordt duidelijk waarom de stemmingswisselingen zo reeel zijn. Dit is geen karakterprobleem. Het is neurobiologie.
Oestrogeen en serotonine. Oestrogeen speelt een directe rol in de aanmaak en beschikbaarheid van serotonine, de neurotransmitter die het meest geassocieerd wordt met emotionele stabiliteit, welbevinden en de drempel voor angst. Oestrogeen stimuleert de aanmaak van serotonine-receptoren en remt de afbraak ervan. Wanneer oestrogeen daalt, daalt ook de serotoninebeschikbaarheid. Het gevolg: je bent gevoeliger voor stressoren, negatieve gedachten beklijven makkelijker en de emotionele buffer is smaller.
Oestrogeen en endorfinen. Oestrogeen ondersteunt ook de endorfine-afgifte bij plezierige activiteiten. Dat systeem loopt via de hypothalamus en is verantwoordelijk voor het gevoel van beloning en voldoening na iets wat je normaal energie geeft. Bij dalend oestrogeen reageert dit systeem minder uitbundig, wat kan verklaren waarom dingen die je vroeger blij maakten dat nu minder doen.
De perimenopauze als kwetsbaarheidsperiode. Niet iedereen weet dat de perimenopauze, de periode voorafgaand aan de menopauze, klinisch erkend is als een specifieke kwetsbaarheidsperiode voor depressie en stemmingsproblematiek. De reden: in de perimenopauze zijn de hormoonspiegels niet geleidelijk dalend maar chaotisch schommelend. Die onregelmatigheid is destabiliserender voor de hersenchemie dan een geleidelijke daling.
Behandelingsopties vergelijking
| Behandelingsoptie | Effectiviteit | Tijdlijn | Bijwerkingen |
|---|---|---|---|
| Hormoontherapie (HRT) | Hoog | Snel | Gezondheidsrisico's |
| Fyto-oestrogenen | Matig | 4–8 weken | Mild |
| Niet-hormonale meds | Matig | Weken | Bijwerkingen |
| Leefstijl + kruiden | Matig | 3–6 maanden | Geen bijwerkingen |
Onderstaande grafiek vergelijkt de effectiviteit van de behandelingsopties naast elkaar.
Uit een grootschalig onderzoek van UCL in 2024 (n=9.141) bleek dat vrouwen in de perimenopauze 40% meer kans hebben op depressieve symptomen vergeleken met vrouwen voor de menopauze. Onderzoeker Bromberger toonde in 2018 aan dat het risico op een klinische depressie (Major Depressive Disorder) tijdens de perimenopauze 2 tot 5 keer hoger is dan in andere levensfasen. Dat zijn significante getallen. De boodschap is niet dat de overgang per definitie leidt tot depressie, maar wel dat dit een periode is waarin het brein kwetsbaar is, en dat herkennen is de eerste stap.
Cortisol en de HPA-as. De hypothalamus-hypofyse-bijnier-as, kortweg de HPA-as, regelt hoe je lichaam omgaat met stress. Deze as werkt nauw samen met oestrogeen. Bij schommelend oestrogeen raakt de HPA-as uit balans: cortisol wordt op de verkeerde momenten aangemaakt of in te hoge concentraties. Het resultaat is een gevoel van innerlijke onrust of gejaagdheid dat moeilijk te plaatsen is. Niet bang voor iets specifieks, gewoon gespannen.
Schematisch:
Hoe dalend oestrogeen je stemming beinvloedt
daalt
daalt
destabiliseert
Pad 1: oestrogeen verlaagt serotoninebeschikbaarheid
daalt
dysregulatie
gejaagdheid, onrust
Pad 2: oestrogeen verstoort HPA-as, cortisol stijgt
Wat zegt het onderzoek?
De aanpakken in het vorige hoofdstuk zijn niet willekeurig gekozen. Ze zijn onderbouwd door specifiek onderzoek bij vrouwen in de overgang.
Bewegen en serotonine. Meerdere RCTs bevestigen dat aeroob bewegen serotonine verhoogt, cortisol verlaagt en de aanmaak van BDNF stimuleert. BDNF (Brain-Derived Neurotrophic Factor) is een eiwit dat de aanmaak en overleving van neuronen bevordert en geassocieerd wordt met veerkracht bij stemmingsproblemen. Bewegen heeft bij milde tot matige stemmingsklachten een effect dat vergelijkbaar is met antidepressiva, zonder de bijwerkingen.
Alarmsignalen
| Signaal | Frequentie | Wanneer arts raadplegen |
|---|---|---|
| Klachten langer dan 4 weken | Regelmatig | Altijd |
| Bloed in urine | Zelden | Direct |
| Pijn bij plassen | Regelmatig | Binnen 1 week |
| Nachtelijk plassen > 3× | Regelmatig | Binnen 2 weken |
Het stappenplan hieronder vat de aanbevolen aanpak samen.
Last van overgangsklachten?
Pauza 21 is specifiek samengesteld voor vrouwen in en rond de overgang. Zonder kunstmatige toevoegingen.
Omega-3 (EPA) bij perimenopauze. Een RCT van Freeman (2011) onderzocht het effect van omega-3 EPA-suppletie bij vrouwen in de perimenopauze met depressieve symptomen. De respons rate was 70%, een opvallend hoge uitkomst voor een voedingssupplement bij dit type klacht. Het SWAN-cohort (n=3.053) vond een vergelijkbaar verband: vrouwen met een hogere omega-3 inname hadden significant minder depressieve symptomen tijdens de overgang.
EPA en hersenwerking. Een meer recente studie van Minihane et al. (2025, PMC12209554) suggereert dat EPA de hersenwerking tijdens de menopauze ondersteunt via remming van neuro-inflammatie. Chronische laaggradige ontsteking in het brein is een mechanisme dat steeds vaker gelinkt wordt aan stemmingsproblematiek, en EPA lijkt dat proces te temperen.
CGT en mindfulness. NICE, het toonaangevende Britse instituut voor klinische richtlijnen, erkent cognitieve gedragstherapie en mindfulness als effectieve aanpak bij stemmingsproblemen en angst tijdens de overgang. Bij vrouwen die de voorkeur geven aan een niet-hormonale aanpak zijn dit de best onderbouwde psychologische interventies.
Kruiden die de stemming ondersteunen
Naast leefstijlaanpassingen zijn er kruiden met een goed onderzochte werking op nervositeit, angst en stemmingsstabiliteit. Ze werken anders dan antidepressiva of hormonen, maar bieden voor sommige vrouwen een waardevolle aanvulling.
Passiebloem. Passiebloem verhoogt de beschikbaarheid van GABA, een neurotransmitter die het zenuwstelsel kalmeert. GABA werkt als een natuurlijk rem op overmatige neurale activiteit, en een hogere GABA-beschikbaarheid verlaagt nervositeit, angst en gejaagdheid. Klinische studies laten zien dat passiebloem vergelijkbare effecten kan hebben als benzodiazepinen bij angstklachten, zonder de verslavingsrisicos. Lees meer over passiebloem.
Salie. Salie bevat fyto-oestrogene verbindingen die licht werken op oestrogeenreceptoren. Hoewel het effect op de stemming minder direct is dan dat van passiebloem, kan salie via een indirect hormonaal pad bijdragen aan meer balans. Salie staat ook bekend om zijn effect op opvliegers, wat op zijn beurt de slaap en dus de stemming kan verbeteren. Lees meer over salie.
Hop. Hop heeft een kalmerend en licht sedatief effect. Het combineert goed met passiebloem bij overprikkeldheid en wordt traditioneel gebruikt bij slaapproblemen en rusteloosheid. De combinatie van hop en passiebloem is in meerdere studies onderzocht op effect bij slaap en angst.
Ondersteuning bij meerdere klachten tegelijk
Stemmingswisselingen komen zelden alleen. De meeste vrouwen die te maken hebben met stemmingsklachten in de overgang, kampen tegelijkertijd met andere symptomen: slechte slaap, opvliegers, vermoeidheid. Die klachten versterken elkaar: slechte slaap verslechtert de stemming, gejaagdheid maakt slaap moeilijker, opvliegers 's nachts wekken je op.
Een aanpak die meerdere overgangsklachten tegelijk adresseert, is daardoor logischer dan voor elk symptoom een aparte interventie te zoeken.
Pauza 21 is ontwikkeld vanuit precies die gedachte. Het bevat 21 zorgvuldig gekozen kruiden, waaronder passiebloem, hop en salie, en is gericht op vrouwen die in de overgang te maken hebben met een combinatie van klachten. De kruiden werken complementair: rustgevend, kalmerend, en ondersteunend bij hormonale balans.
Bekijk ook: Pauza 21 — een kruidensupplement speciaal samengesteld voor vrouwen in de overgang.
Wanneer is professionele hulp verstandig?
Zelfhulp en kruiden zijn zinvol bij milde tot matige klachten, maar er zijn situaties waarin professionele begeleiding echt noodzakelijk is.
Somberheid langer dan twee weken. Wanneer de somberheid aanhoudt, niet fluctueert, en je dagelijks functioneren bemoeilijkt, is dat een signaal om je huisarts te raadplegen. Een aanhoudende depressieve stemming is een andere categorie dan stemmingswisselingen en verdient een specifieke behandeling.
Angstaanvallen of gedachten aan jezelf schaden. Dit zijn situaties waarbij je zo snel mogelijk hulp zoekt, ook als je denkt dat het vanzelf overgaat.
Hormoontherapie als optie. Bij ernstige overgangsklachten, inclusief stemmingsproblemen, kan hormonale substitutietherapie (HST) een effectieve behandeling zijn. De afweging wordt gemaakt op basis van je persoonlijke gezondheidsgeschiedenis en risicoprofiel. Bespreek dit met een arts die gespecialiseerd is in overgangsklachten.
Antidepressiva als aanvullende interventie. Bij een vastgestelde depressie kunnen antidepressiva worden ingezet, ook als de klachten hormonaal gemedieerd zijn. Sommige antidepressiva (zoals SNRIs) hebben bovendien een effect op opvliegers en worden soms specifiek ingezet tijdens de overgang. Altijd na een goede diagnose door een arts.
Voor bredere informatie over de overgang en alle klachten die daarmee samenhangen, lees ook: alles over de overgang.
Stemmingswisselingen tijdens de overgang zijn een fysiologisch fenomeen. Ze ontstaan doordat dalend en schommelend oestrogeen directe effecten heeft op de serotoninebeschikbaarheid, de HPA-as en de cortisoldynamiek. De perimenopauze is klinisch erkend als een kwetsbaarheidsperiode, en de klachten zijn daardoor niet een teken van zwakte of karakterfout, maar van een brein dat reageert op biochemische veranderingen.
Dat gegeven maakt het ook mogelijk om er iets mee te doen. Bewegen, slaap beschermen, stabiel eten, piekeren aanpakken en de juiste kruiden inzetten: al deze aanpakken zijn onderbouwd en zinvol. En wanneer de klachten te zwaar worden, is professionele hulp altijd de juiste keuze.
Dit artikel is informatief bedoeld en vervangt geen medisch advies. Raadpleeg altijd je huisarts bij aanhoudende of ernstige stemmingsklachten.
Bronvermelding
- EMA (European Medicines Agency). Herbal Medicines Monographs. 2020.
- ESCOP Monographs. Scientific Foundation for Herbal Medicinal Products. 2003–2019.
- Wichtl, M. (2004). Herbal Drugs and Phytopharmaceuticals. Medpharm GmbH Scientific Publishers.
- Schilcher, H., Kammerer, S., Wegener, T. (2016). Leitfaden Phytotherapie. Urban & Fischer.
- NHG-Standaarden. Nederlands Huisartsen Genootschap. www.nhg.org







